|
Forever
young.
"Simak, vergeet je niet je back-up te maken? Nee,
niet straks, nu! We krijgen er de grootst mogelijke last mee, je bent het deze
maand al twee keer vergeten, een derde keer, dat pikken ze echt niet!" Simak
gaat met een chagrijnige kop voor het scherm zitten en steekt zijn hand in de
identificatie-unit. Dat gezeur van zijn moeder ook altijd, het kan toch ook
straks? Bovendien, wat heeft het voor nut, elke dag die back-up, hij weet
volgende week toch ook nog wel wat hij vandaag gedaan heeft? Bij oude mensen is
dat anders, die weten een uur later al niet meer wat ze gegeten hebben;
bovendien is het voor hen natuurlijk wel nodig dat ze elke dag medisch
gecontroleerd worden. Zo hebben ze het ook bij opa ontdekt dat hij ziek was.
Het scherm gaat naar zijn persoonlijke gezondheidsoverzicht. Bloeddruk,
temperatuur, au, Simak voelt een prikje in zijn vinger, dat is voor het
bloedonderzoek. Daar komen die vragen weer. Simak haat dat mens, alles wil ze
weten. Wat hij gedaan heeft, wat hij denkt, wat hij voelt. Liegen heeft geen
zin, de identificatie-unit houdt het allemaal in de gaten: als hij echt liegt
gaat die ellendige piep af. En dan zit hij nog een uur langer, dan gaat die
cybertrut met haar lievig-valse stem alles nog eens extra doornemen. Ja,
natuurlijk heeft hij er vandaag alweer aan gedacht hoe Bilana er in haar
blootje uit zou zien, ja, dat gaf een warm en raar gevoel van binnen. Nee, ze
heeft vandaag al weer geen woord tegen hem gezegd. Ja en wel tegen Bodur, ze
heeft wel de hele pauze om die lul heen lopen draaien. Natuurlijk baalt hij
ervan, stom mens! O.K., het is waar, op weg naar huis heeft hij zich
voorgesteld hoe het zou zijn om Bodur in elkaar te slaan. Nee, daar voelt hij
zich niet schuldig over, die aansteller verdient niet beter met zijn idiote
spierballen en zijn ongeschoren smoel. Jaloers op Bodur? Nee, natuurlijk niet,
nou ja, Simak ziet een klein rood lampje opflikkeren dat aangeeft dat het
apparaat bezig is hem op een leugentje te betrappen, O.K., een klein beetje
dan. "En bang, Simak, ben je bang voor Bodur", vraagt de stem. "Hij is
sterker en ouder dan ik, dus ik kijk wel uit", zegt Simak. "Maar anders, zou
je hem dan in elkaar willen slaan?' vraagt de stem. "Jaha", zegt Simak
geïrriteerd. "Dank je wel, Simak", zegt het suikerzoete serpent. Tot
morgen!"
"Ha die opa, hoe is het?" Niet zo best Simak. Het zal niet
lang meer duren, dan is het gedaan met mijn lichaam. Ik weet het wel, mijn
geest blijft voortbestaan, maar ik vind het toch akelig." "Dat maakt toch
niets uit, opa, ik praat nu toch net zo met jou toch als met oma?" "Dat is
wel zo, voor jou wel. Het is fijn dat dit nu allemaal kan. Jij kunt je dat niet
eens voorstellen, Simak, vroeger was je iemand helemaal kwijt. Weg, finaal weg;
helemaal niets meer, geen woord! Zo is dat nog met mijn ouders gegaan. Nee, dat
is nu wel beter, je kunt in elk geval nog contact houden. Natuurlijk, ik mis
Irene wel, haar lichaam, haar geur. Dat ik nooit meer mijn armen om haar heen
kan slaan. Ik zeg haar natuurlijk wel dat ik dat in gedachte doe en zij zegt
dat soort dingen soms ook, maar het is toch niet hetzelfde. Begrijp je dat,
Simak?" "Hm, ja
", zegt Simak en ziet Bilana's borsten voor zich.
"Ik vraag me steeds maar af hoe het straks zal zijn. Natuurlijk heb ik het
Irene vaak genoeg gevraagd, zij zegt dat ze nog steeds precies dezelfde vrouw
is. Dat ze alleen nu geen pijn meer heeft en dat ze zich jong voelt, voor
altijd jong. Toch denk ik soms wel, praat ik nu echt met Irene?
Natuurlijk, met die dagelijkse back-ups wordt alles opgeslagen; in feite
weet je meer dan nu, in een lichaam vergeet je nog wel eens wat, maar ben je
het zelf nog? Hoe zal het dat voelen in cyberspace, voor altijd
jong?" "Gewoon, opa, net als nu, maak je nou niet zo druk, het komt wel
goed, maar ik moet nu gaan, ik zie je."
"Simak, Simak, wakker worden!
Opa is vannacht gestorven!" zegt Simaks moeder. "O", zegt Simak. "Ik heb
de DPC-company al om een nummer gevraagd. Ik denk dat we dat met een kwartier
binnen hebben. Dan kunnen we de mail naar iedereen verzenden. Overmorgen is de
crematie van zijn lichaam, dat heb ik al geregeld. We moeten wel even met hem
overleggen hoe hij het allemaal precies wil." Simak komt zijn bed uit. In de
huiskamer ziet hij zijn moeder praten met een jongeman op het scherm. Hij
herkent hem van een hele oude foto van opa. Een muisklik verder is hij wat
ouder. "Doe voorlopig deze animatie maar, Bettina", hoort hij hem zeggen,
"zo zie ik er wel goed uit, jong, maar niet te jong." "Verder alles
geregeld zo?" "Prima Bettina, niet te veel poespas bij de crematie,
uiteindelijk is dat alleen maar mijn lichaam." "Ik ga de mail versturen, pa,
tot later."
Voor eeuwig in cyberspace
Onze lieve Marcus de
Jong leeft voort op DPC nr. 114987 Van zijn lichaam nemen wij afscheid op
20 september 2050 om 12.00 uur in crematorium IJburg.
Bettina de
Jong Simak de Jong
"Vind je het goed, zo, Simak?" "Ja, hoor,
mam. Moet ik daar ook naar toe, naar dat crematorium?" "Ja, dat lijkt me
wel." "Ik vind het onzin, ik sprak opa toch altijd alleen maar via het
scherm, dus wat is er nu helemaal aan de hand? Eigenlijk niets." "Voor jou
misschien niet, maar voor hem wel en voor mij ook."
"Hoi opa", zegt
Simak, "mooie crematie hoor!" "Waren er veel mensen?" "Ja, best
wel." "Opa, hoe is het daar?" "Prima, jongen, ik heb me in geen jaren zo
goed gevoeld! Ik ben weer jong en ik heb hier mijn hele back-up, ik herinner me
weer alles van vroeger. Niet van mijn jeugd natuurlijk, toen had je nog geen
back-ups, maar van de laatste 30 jaar is het allemaal terug." "Herinner je
je nu wel dat ik geboren werd?" "Jazeker, Simak, als de dag van gisteren.
Ik werd wakker en zag de mail van je moeder: pa je bent opa geworden van een
geweldige kleinzoon! Hij heet Simak. Ik zag de eerste beelden van jou.
Natuurlijk was ik dolblij, maar ik moest naar mijn werk, het was een
belangrijke dag. Ik stapte in de urbanhopper, het was druk. Die man was te
dichtbij. Hij hing tegen me aan met zo'n blik in zijn ogen die zei, raak me
niet aan, doe één stap en
Toen de wagen remde, stapte hij
op mijn voet. Triomfantelijk keek hij om. Hij ging er bij dezelfde halte uit
als ik, zijn snuivende ademhaling tochtte in mijn nek. Op het paadje door de
bosjes gebeurde het. Die lul gaat mijn dag niet bederven, knalde door mijn
hoofd. Ik ben opa geworden, opa van een prachtige kleinzoon! Voordat ik het
wist, had ik me omgedraaid en hem een dreun verkocht. Hij maakte een raar
geluid toen hij viel en er droop een straaltje bloed uit zijn mond. Ik sleepte
hem tussen de bosjes, veegde mijn handen af en liep naar kantoor. Het eerste
dat ik daar deed was weer even inloggen op de webcam boven jouw wieg, je huilde
en balde je vuistjes, echt een klein mannetje! 's Avonds kon ik je pas voor het
eerst even vasthouden. Wat had je al een kracht in die kleine knuistjes! Ik was
zo gelukkig dat ik nog bijna vergat een back-up te maken." "Die man was
dood, opa?" "Ja, die was dood, hij werd de volgende dag gevonden. Het rare
was dat ik me er toen niets meer van herinnerde, ik was die hele vorige dag
kwijt. Nu weet ik het allemaal weer." "Ik moet gaan, opa, ik zie je morgen
wel weer!" "Tot morgen, Simak!"
De volgende dag is Bodur niet op
school, niemand weet waar hij is. Simak voelt het van binnen kriebelen als
hij Bilana in de pauze alleen ziet staan. Hij loopt met grote passen langs haar
heen en kijkt dan even om of ze hem ziet. Ze kijkt snel weg. Simak loopt
langzaam terug, blijft met zijn handen in zijn zakken in haar buurt staan. Als
hij weer naar haar kijkt, lacht ze. Hij haalt een pakje dreamgums uit zijn zak
en stopt er een in zijn mond. "Jij ook een?", vraagt hij. Bilana
knikt. De rest van de schooldag gaat een beetje aan Simak voorbij, hij loopt
op verende roze kussens met zijn hoofd in de mooiste muziek.
's Avonds
is het op het nieuws: lichaam verdwenen jongen in de bosjes gevonden. Dood.
"Erg hè, Simak zegt zijn moeder, een jongen van jouw leeftijd.
Vreselijk voor die ouders, voor zijn vrienden" Het lijkt Simak niet te
interesseren. "Ik ga naar bed." "Ben je moe?" Hij geeft geen
antwoord.
Simak kan niet slapen, wat moet hij doen? Hij herinnert zich
er helemaal niets van, dat is het rare. Zouden ze het dan toch ontdekken of kan
dat niet als je het zelf niet weet? Hij draait zich weer op zijn andere zij.
Hij voelt zich eigenlijk ook helemaal niet schuldig. Hij snapt er niets van.
Bilana stopt de dreamgum in haar mond; ze lacht, die rode lippen, haar roze
tong
Het licht gaat aan. "Simak! Je gaat nu onmiddellijk een
back-up maken!" Simak schrikt op uit zijn halfslaap. "Sorry, mam,
vergeten." "Ja en dat is de derde keer, ik kreeg een heel boos mailtje van
de BUCU! Moet ik het je nu werkelijk elke dag te zeggen? Je bent toch geen zes
meer?" Mopperend komt Simak zijn bed uit, gaat zitten en steekt zijn hand in
de identificatie-unit. Zijn moeder doet de deur met een klap achter zich dicht.
"Dag, Simak, was je het nu alweer vergeten?" zegt het mens. Simak
mompelt "sorry!" "Wat heb je vandaag gedaan, Simak?" Simak zwijgt. "Je
stond op en ging naar de badkamer." "Ja." "Je dronk je ontbijt en
ondertussen keek je naar Galaxmega's?" "Klopt." "Nog iemand
gesproken?" "Nee." "En toen?" Simak aarzelt. "Wat deed je
toen?" "Ik pakte mijn hyperskates en ging de deur uit; we hadden vandaag
voor het eerst cyberhistory. Weet je dat ze vroeger op hele kleine schermpjes
zonder plaatjes zaten te chatten of wat ze toen ook deden?", praat hij snel
door. "Dat was lachen, ze hadden toen niet eens geluid!" "Ja, dat weet ik
wel. En onderweg Simak, heb je onderweg naar school nog wat
meegemaakt?" Simak schuift op zijn stoel heen en weer. Met de beste wil van
de wereld kan hij zich niets bijzonders herinneren, maar toch moet het toen
gebeurd zijn. "Ik weet het niet", zegt hij tenslotte. Hij houdt zijn adem
in en wacht op de piep, die nu onvermijdelijk moet komen. Er gebeurt
niets. "En toen ging je naar je klas?" "Ja en Bodur was er
niet." "Enig idee waar hij was?" "Nee." Geen piep. "Hoe was de
pauze?", gaat ze gewoon verder. "Ik weet het niet meer", fluistert
Simak. Het rode lichtje begint te knipperen. "Simak?" "Ik heb Bilana
een dreamgum gegeven." "Hoe vond je dat?" "Nou, gewoon" Het lichtje
flikkert weer. "Nou, ja, dat vond ik eigenlijk wel gigagalaktisch, als je
het echt wilt weten." De cyberbitch maakt een raar geluid, het lijkt wel een
lachje. "Welterusten, Simak, tot morgen, niet weer vergeten
hè?
De volgende dag is Simak bijna blij als hij Bodur ziet.
© Hannie van Blitterswijk, 8
februari 2001 |